Tabee ajuu en houdoe en bedankt

Ja, het is stil hier, weet het.
Maar het is raadzaam privé privé te houden in mijn werk, zo blijkt.
Voordat je het weer zit het halve bestand van een psycho-medische centrum op je blog, onder het genot van een blowtje, een bolletje wit of een dosis Zyprexa. Omdat dat zomaar overal kan, zeg maar.
En dat wil je niet, wil niemand. Denk ik dan.
Werk is dus werk en privé is dus privé.
Dus ik zal hier niet meer loggen :-(
En dat vindt ze best ‘n beetje jammer, ja.

hoe het met bulletje afliep

de kunst van het zeggen van ongepaste en/of stomme dingen zit me in het bloed. het is geen add-on ofzo – nee, het is pure essentie en zonder werkt het hele systeem niet meer.
ik probeer er zo nu en dan wel wat aan te doen – in het kader van tegen-de-dertig of professionaliteit, maar stiekem ben ik leuker als ik ongepaste en/of stomme dingen zeg, geloof ik.
maar het feit dat je weet dat je elk moment een indruk als een balkende ezel achter kan laten heeft ook nadelen. zoals dat mensen je een balkende ezel zouden kunnen vinden en dat is over het algemeen niet goed voor je image of je portomonnee. ik heb wat dit aangaat ook exact zero timing.
zo had ik belangrijke een presentatie. schrijf ik weer eens ‘begeileiding’ op. dit is geen grap. ik schreef het woordje ‘geil’ op de flipover. ik moest de hele flipover overflippen en opnieuw schrijven, want het woordje brandde aan mijn ogen. en welke andere optie was er, laten we eerlijk zijn,
ik ben zo’n iemand die rare dingen zegt, dingen die mensen na weken of maanden zelfs, nog ophalen.
sterker nog, ik laat volgens mij geen enkele blijvende indruk achter, maar na 17 jaar – als er een flipover bij komt – vertellen collega’s die mij al lang niet meer kennen hoe er ooit iemand was die…
en dan lachen ze allemaal, vooral de nieuwe, voor wie het nog niet bekend was. hij schudt dan zijn hoofd.
en dan denkt die rest van dat het eigenlijk wel grappig was ja – en dan lachen ze toch allemaal weer.
zo gaat dat.
help, ik ben de voorrondes van idols. denk ik. of de bulletje van de mini-playbackshow van vroeger, die deed ook van die dingen en we weten allemaal hoe het met bulletje afliep, niet waar…

maar gelukkig maken ze geld

geld maakt niet gelukkig. maar met geld koop je wel schoenen. en schoenen maken mij doorgaans gelukkig en hoe oppervlakkig sommige mensen dat ook vinden: daar schaam ik me in het geheel niet voor. ik word nu eenmaal blij als mijn harde werken beloond wordt in geld. van dat geld gaat een heleboel belasting af, van dat geld betaal ik mijn zogeheten vaste lasten, doe ik mijn boodschappen, verzorg ik mijn kind en dan blijft er geld over voor leuke dingen zoals schoenen. en schoenen maken mij blij, net zoals kleding en luxe make-upjes enzo mij blij maken. en papier en vulpennen trouwens ook.
dus geld maakt soms best een beetje gelukkig en daar ik werken niet erg vind, ben ik een tevreden mens.
maar wel een vrij negatief ingesteld mens, aldus de mevrouw van de schoenenwinkel.
schoenen koop ik niet in een impuls, niet zoals met truitjes die voor geen meter zitten, maar waarvan ik de print zo superkek vind. of van bordeauxrode chanel-lipstick die me niet staat, maar waarvan het limited edition hoesje het zo leuk doet in de badkamer. nee, over schoenen denk ik na als een normaal mens, zeg maar.
"deze zitten mooi!", zei ze.
"deze zitten krap aan mijn ene dikke kuit", zei ik.
"en die?", vroeg ze.
"die hebben een stomme punt", zei ik.
"en die andere?"
"die zitten zelfs ruim aan mijn ene dikke kuit, dat kan niet."
"oh, die?"
"die hebben jullie niet in mijn kleur."
"jij bent wel een beetje negatief hè? je moet wat positiever zijn!"
"voor bijna 200 euro ben ik zo negatief als ik maar wil."
maar de perfecte laars vond ik daar dus wel. en daar ben ik blij mee, daar ben ik lááiend enthousiast over.
daar maak ik innerlijke sprongetjes van.
een zacht leren donkergrijze laars. stoer, vrouwelijk, kan bijna overal bij. en dat bij de manfield! de manfield! daar ben ik altijd voorbij gelopen, de manfield vond ik intens stom altijd.
dus als een klein kind huppelde ik afgelopen weekend door de stad.
geld is op lange, lange na niet het belangrijkste, nee – maar wel een beetje belangrijk. geen geld hebben sucks, dat weet ik, geen geld hebben is ellendig en in de laatste plaats shoptechnischgewijs.
geld kan gewoon een beetje gelukkig maken en daarmee uit. wie zegt van niet, liegt dat-ie barst. of is heel arm en doet dan maar alsof mensen die zeggen dat geld leuk is, geld een beetje gelukkig kan maken, oppervlakkige snobistische en stiekem ongelukkige mensen zijn. dat is niet.
klik.

ratjetoe van stom

dingen die stom zijn:

1.) het feit dat ik mijn nieuwe kalfslederen laarzen echt niet aan kan, omdat het weer dat geenszins toelaat.
2.) het feit dat ik mijn nieuwe kekke rode jasje echt niet aan kan, omdat het weer dat geenszins toelaat.
3.) het feit dat van die hoogblonde soort-van-vrouwen, mèt kindje op de buik, al keihard ‘kanker’ blèrende anderen compleet inzichtloos van verkapt opvoedingsadvies trachten te voorzien. snap ‘m niet.
4.) het feit dat ik mijn bruine sandaaltjes nergens kan vinden.
5.) het feit dat ik vandaag nog uren aan school moet.
6.) het feit dat er dagelijks mensen zinloos (alsof zinvol bestaat) geweld aan wordt gedaan, waar geen directe passende maatregelen voor worden getroffen. dit terwijl Pieter van Vollehoven (met die oortjes) zijn telefonische bedreiger direct in hechtenis wordt genomen… ?!?
7.) het feit dat ik eigenlijk zelf niet van koninklijke bloede ben.
8.) het feit dat ik niet van koninklijke bloede danwel erfgename van één of andere magnaat ben en dus die geweldige najaarsitems uit de collectie van menig ontwerper niet kan betalen, tenzij ik minstens 3 maanden niet ga eten (=optie). of leven in het algemeen (=geen optie.)
9.) het feit dat het nog geen 31 augustus is, waar ik heel (heel) veel zin in heb (hihi).
10.) het feit dat het vakantieleven echt exit is, nu kindlief vandaag weer naar school is (heeft ook voordelen).

tot slot wil ik nog afsluiten met iets geweldigs dat ik zaterdag op de weg terug van boodschappen doen hoorde.
vrouw 1 op de stoep, vrouw 2 op de fiets.

vrouw1: hé hoi.
vrouw2: warm, hè.
vrouw1: ja nou, ga je naar huis?
vrouw2: ja, heb net kaftpapier gehaald voor ricky.
vrouw1: oh leuk.
vrouw2: ja, ik zou je een lift geven als je niet zo dik was geworden, uhm… ja.
vrouw1: ….
vrouw2: ….
vrouw1: ….
vrouw2: ….

er komt nog een ratjetoe van leuk.
saving the best for last mensen!

:-S

Sommige mannen moeten wel een héél kleine piemel hebben.

te koop: niewe jas’n (?)

hey daar!!! hallo!!! daar ben ik weer, gewoon in het haagse, terug uit het twentse.
volgens mij was het exact op de grens van overijssel en twente, kan dat? doet dat er toe? in het leven?
ja, we waren er even tussenuit gepiept. op het laatste moment, want in den beginne zouden we in het geheel niet op vakantie gaan. geen tijd en dat soort dingen.
toen deden we maar een weekendje kindervakantie, want dat je het zelf te druk hebt voor de leukere dingen is tot daar aan toe, maar het je kind ontnemen is wat crimineel.
dus gingen wij op pad. de paden op en de lanen in, nou ja – dat niet, maar ik heb dat altijd nog een keertje willen zeggen (dat ik de paden op en de lanen in ging).
buiten dat de mensen daar totaal onverstaanbaar zijn, was het even heel erg fijn.
iedereen was relaxed, iedereen had plezier, niets moest en alles mocht.
we waren ook ineens in een klein dorpje op een vrij grote markt, waar er ook allemaal mensen waren die daar met oude ambachten stonden. ik ken onderhand eigenlijk alleen de, inmiddels, oude ambacht van het chinezen of coke roken of hoe bak je een space-cake, maar daar hebben ze een ander idee van oude ambachten. oude mannen in klederdracht die meppen op iets wat op graan lijkt om zo, ja, weet ik wat ze wilden eigenlijk. maar het was wel grappig. zegt zo’n vent ineens iets van: ‘dnrutzunneoakne!’ ik keek links, ik keek rechts en hij sprak tegen mij. wat zeg je daarop dan, dacht ik. ‘joa’, zei ik erop. toen liep ik hard weg, want straks zegt-ie nog wat.
het ging over de zon, hij vond het een rot zon. ja, koop dan je brood ook gewoon bij de Appie, ipv je graan ofzo zelf te slaan uit dinges om zo ooit eens meel te krijg’n vur broad.
en zo heb ik weer eens een onschools boek gelezen, een stuk minder aan school en werk gedacht, uitgeslapen, gewandeld, gefietst (serieus) en heel veel gelachen. ron is fijn bijgekomen van door een ruit heen pleuren. en nog belangrijker: les had het waanzinnig naar zijn zin. die wilde daar wel wonen, zei-ie. heerlijk om dat lachende, enthousiaste, ontspannen gezichtje te zien.
ook hij moet er aankomende jaar enorm tegenaan, met groep drie enzo.
ook hier ben ik vandaag weer begonnen met wat lezen en indelen. zodat ik morgen vol overgave weer kan gaan beginnen aan school, want ik moet er nog even hard aan trekken. ik wil in augustus nog aardig wat afsluiten en voorbereiden, want op het werk gaat het ook erg drukjes worden.
voorlopig heb ik daar tot 18 augustus de tijd voor, want tot die tijd ben ik nog vrij. een vals vrij, dat wel, maar enigszins vrij desalniettemin.

hij is erop gevallen

van alle dingen die je zou kunnen doen vlak voor je vakantie is van 3 meter naar beneden lazeren en dan op een ruit van dubbel glas terecht komen – om daar doorheen te pleuren, wellicht niet het beste ding om te doen.
niet het minst pijnlijk of minst bloederig ook. toch deed vriendlief dat en joost mag weten waarom toch.
hoewel, ok, het is niet echt volkomen een raadsel: hij gleed gewoon ff uit van een steiger en kwam op zeer ongelukkige plaats terecht. daar waar een ruit stond dus. en hup, kontje eerst, viel-ie er doorheen.
en dan heb je misschien wel een beetje geluk dat je niet heel erg bent toegetakeld – of misschien wel erger.
hij viel en stond voorzichtig op. overal glas natuurlijk. en pijn in zijn reet. maar vooral hele dikke, diepe sneeën in zijn hand. een soort slagveld, was het. alleen al in het ziekenhuis verloor hij bijna een liter (!!!) bloed. het ziekenhuis was gelukkig maar een paar minuutjes rijden. dat vind ik toch wel heftig en dat dus net voor de vakantie, de lul. dus nu ben ik zuster joyce en zuster joyce is leuk, ben dol op haar. ron valt ook heel erg op zuster joyce.
enfin, over tot echt belangrijke dingen: mijn vakantie is begonnen! jeeej! dat is lekker, maar sick genoeg vind ik een dikke drie weken niet werken ook niet helemáál leuk.
gisteren vakantie-geshopt, nog 3 daagjes wat aan school doen (want boeken thuis laten anders vriendlief mij doodmaken, al neem je hem nu ook niet serieus) en dan heel even er tussenuit. lekker!

joyce was gewoon madonna (kant A of kant B)

het is geniaal, ik vind ‘m zo geniaal. wat? DIT!
nog beter dan de gillende mannen (dat huppeltje van die ene links, dat bedenk je niet) en de walking fridge.
en ik hou niet eens echt van bier, ja, als ik al bezopen ben, dan vind ik het lekker. maar dan vind ik vodka ook lekker. of fucking passoa. of cognac. of nagellakremover.

het doet me denken aan vroeger. ik had zo’n cassettebandje van madonna en die vond ik helemaal de bom. ik gaf dan optredens voor knuffelbeesten (en zelfs die hielden de handen voor de ogen en oren, het laatste als ik erbij zong ook nog). op kant a stond ‘la isla bonita’ en op kant b stond ‘jimmy, jimmy’.
daar had ik verschillende outfits voor, want ik ging mijn spaanse polkadot-achtige rokje met rode accenten en laarsjes dus ècht niet aan doen bij ‘jimmy, jimmy’, doei! dat kon toen al echt niet en dat is eigenlijk nooit veranderd natuurlijk.
nee, voor ‘jimmy, jimmy’ ging ik helemaal punk. als ik echt de tijd nam tussen het omdraaien van de cassette en op play drukken, kwam de blauwe agressieve polly-pocket make-up voor de dag. en de beenwarmers, de netpanty en toupeerde ik mijn haar, want dat deed ik. ik was madonna, want dat stond trouwens ook op mijn shirt.

en ik kan het bewijzen…….

Img_0202

joyce is toch zeker geen miet

vandaag was ik even buiten, want dat is er ook nog: buiten. mooie plaats, bijzonder ruimtelijk ook trouwens!
ik ga me steeds beter voelen. vandaag brood gegeten en zelfs de korstjes doorgeslikt. heb er wel heel langzaam en vooral ook lang op gekauwd, maar dat is geheel het punt niet.
na het weekend wil ik langs op mijn werk. ik hoop mijn eerst ingeplande dienst van aanstaande woensdag toch wel te kunnen draaien, want ik ben goddomme toch zeker geen miet of wel soms!?!
maar even alle gekheid op een stokje, het was best wel heftig.
wonden in je keel zijn heftig, omdat je de hele dag door moet slikken. moet drinken en eten en praten. nee, en hoesten! en niezen!!! vooral dat laatste kwam onverwachts. ineens moest ik niezen en nieste ik voluit.
toen heb ik 3 kwartier staan jodelen, in mijn hoofd dan. echt jodelen ging daarna dus echt niet. eigenlijk kan ik ook helemaal niet jodelen, weet niet hoe dat moet. wil dat ook niet kunnen, maar niezen deed dus verrotte pijn.
slapen gaat ook beter. vooral de eerste dagen wekte m’n keel mij met de vraag: "he uh, je moet slikken, want dat ben ik zo gewend en nu?" en dan slaap je met je muil open, ga je kwijlen als een mongool en is je hele mond en keel ineens van leer. als je dan een slok drinken neemt ga je gewoon een klein beetje dood.
maar we zijn nu een week verder. en na tien dagen moet je je volgens de dokter beter gaan voelen en ik ga proberen dat te vervroegen.
dus ik ga weer even naar buiten met een waterijsje. alsof er niets aan de hand is.
pomtidomtidom.

joyce moet het ook even kwijt

de nare bijkomstigheid van ziek zijn vind ik het feit dat je de hele dag met jezelf zit opgescheept. op een gegeven moment is je afleiding een beetje op. dan is het gewoon jij met jezelf en zoek het maar uit, doei. de dingen die je kan doen, daar ben je wel een beetje klaar mee op den duur. uitgeslapen, uitgelezen, uitgesmst met je nieuwe telefoon waarvan je alle instellingen nu ook wel kan dromen. de visite is er ook niet de hele dag en dat is maar goed ook, want stel je voor dat een ander de hele dag met mij moet zitten, gewoon zitten. nee – op den duur, let’s face it, op den duur heb je gewoon geen leven meer.
en dan is daar de televisie. en die zet je dan maar aan en daar kijk je dan maar naar, want wat moet je anders? en voor je het weet zit je naar het interview te kijken van ‘granny smit’, de zure appel die de moeder van jan smit is.
daar wil ik het even over hebben, dat kan in het echt eigenlijk niet, maar ik wil het wel, want op den duur worden dit soort dingen actueel in het leven van iemand zonder leven.
als de moeder van jan smit mijn moeder was dan had ze een groot probleem. ik zou haar zo vet op haar bek geslagen hebben, man.
dan zet je de televisie aan (ik denk dat jan smit dat ook wel eens doet, want hij is vast niet altijd aan het pogen te zingen) en zit je moeder daar. op een stoel, met kitscherige beeldjes op de achtergrond en een mapje op schoot. dan vertelt ze dat ze het er allemaal niet bij laat zitten hoor, nee – ze laat het er niet bij zitten! en dat vertelt ze dan tegen niemand meer dan een roddeljournalist.
want het sprei is weg en de zijden bloemen zijn weg. de koffers zijn weg en de gastendoekjes zijn weg. en dat weet ze allemaal heel goed, want ze heeft dagen en dagen met mankracht in het huis gezeten om te tellen. en om foto’s te maken en om rekeningen op te vragen. en die heeft bij zich en ze is niet bang ze te laten zien ook.
en jan, jan wilde dat niet man. jan denkt: whatever. jan denkt: joh, ik zing nog een liedje voor jou alleen en de boel is weer ingericht.
en het is van jan. het is jan zijn huis, toch? het is ons aller jan zijn leven, toch? het was zijn relatie, toch? en hij maakt zich er niet druk om, toch? toch?
dus waar de neuk bemoeit zo’n mens zich mee? hoe voor lul sta je als je moeder op televisie zo’n sneu verhaal komt vertellen op een mogelijk nog veel sneuere wijze? de voorschutting, hoe laat je je kennen?
nee, ik zou haar vet op haar bek hebben geslagen. maar janneman is op zijn bek geslagen gisteren, ja, ik ben helemaal op de hoogte, hoor!
ik weet dat het eigenlijk niet kan hoor, in het echt, dit stukje. weet het wel. zal er hierna dan ook nooit meer over praten, niet op de televisie of in welk blad dan ook, maar ik moest het gewoon even kwijt…